Polly nadert de 15 jaar. Dat is een hele prestatie voor een hondje, ook al is ze niet zo groot en geen officiële rashond. Polly heette eigenlijk Sonja, maar die naam deed me denken aan het rothondje van de buren van vroeger. Die beet altijd keihard in je kuiten.
Mocht je ooit aan een hondje denken en je komt een kruising Boerenfox × Friese Stabij tegen… Think twice. Een explosieve combi, niet geschikt voor watjes.
Ik moest erg wennen aan Polly die overal haar tandjes in zette: zeepjes, kaarsjes, het potje zout en de afstandsbediening… Ik moest ook wennen dat ik haar niet zag tijdens de wandeling, maar kreeg er na een poosje wel vertrouwen in dat ze ergens in de buurt rond sjeesde.
Ik wist niet dat ik niet met haar moest gaan wandelen bij schemer — dat is namelijk het tijdstip waarop veel dieren hun holletjes verlaten en het feest voor Polly begint. Voor mij was dat vervolgens anderhalf uur wachten tot het pikkedonker was, tot mevrouw met haar tong tot haar knieën eindelijk besloot om uit de struiken te komen.
Ik wist niet dat ze in no time een hele Meerkoetenfamilie de hemel in zou bijten, met een luid piepend kuikentje als toetje… Dat geluidje verdwijnt nooit meer uit mijn brein.
Ik wist ook niet dat ze konijnen, fazanten, kauwtjes en eekhoorns kon vangen. Zelfs een dikke hommel moest eraan geloven en heeft de rest van zijn leven zonder vleugels moeten doorbrengen.
En Polly bewaakte haar thuis met een felheid waar je u tegen zegt. Het maakte niet uit of dat ons stenen huis was, de camper tijdens onze tripjes of de auto op de parkeerplaats van de Aldi. Compleet uit haar plaat.
Maar dat alles wist ik natuurlijk niet toen ik naar Boxmeer reed voor een maatje voor Hannes.
Het hondje waar ik eigenlijk voor kwam — Polly’s moeder — beet arme Hannes meteen in zijn billen. En omdat Hannes blind was geworden, was dat extra zielig: hij zag de tanden niet eens aankomen.
Toen ik zei: “Dit gaat ‘m niet worden,” zei de eigenaresse:
“Ze heeft net puppy’s gekregen en mijn vader is er niet blij mee. Hij zei vanmorgen nog: wat een rothond. Zal ik hem vragen of hij de puppy kwijt wil?”
Nog voor ik iets kon zeggen stapte de familie op de fiets. Tien minuten later kwamen ze terug met Polly.
Mijn moeder was meteen verliefd. Voor ik ja kon zeggen, had ze de financiële transactie al rond en zat Polly in de oude brandweerbus op weg naar mijn huis.
Het duurde even, maar toen was het ‘aan’ tussen ons. Sindsdien kunnen we (elkaar) lezen en schrijven. Dat is altijd zo gebleven.
En ineens zijn we ruim 14 jaar verder.
Dinsdag ging ik met haar naar de dierenarts voor een check. Die zag meteen dat het mis is. Haar buik zit vol vocht, haar hartje is bijna op.
Als ik het zijn beloop laat, stikt ze langzaam. En dat wil ik niet na ruim 14 jaar trouwe dienst.
Ik grap altijd dat Easy haar hele zelfvertrouwen ophangt aan Polly. Zeker twee keer per dag probeert Easy besties te worden. Dan draait ze kwispelend haar kont om Polly heen, maar Polly geeft niet toe. Zelfs op haar laatste dag is ze niet te vermurwen.
Maar waar ik achter kwam: ik hang ook mijn eigen gevoel van veiligheid op aan Polly.
Thuis, én op al onze reisjes samen.
Mensen die zelf geen hond hebben, kunnen soms wat laatdunkend doen over “hondenverdriet”. Maar iedereen die ooit écht van zo’n dier heeft gehouden, weet: ze kruipen in je hart en vertrekken niet meer. Om meer dan één reden.
Dus ja, het wordt even wennen vanaf morgen half drie. En ik weet het: er is geen verlies zonder winst. Maar op dit moment weet ik nog niet wat die winst gaat zijn.
Dus nu ze lekker naast mij op de bank ligt, nog warm is, ademt, en nog kwispelt als ze me ziet, is er even alleen nu. Morgen stellen we gewoon nog even uit…


Geef een reactie